Waar vandaan: Gezond leven > Gezondheid > Delirium (acute verwardheid)

Delirium (acute verwardheid)

Inleiding
Delirium is afgeleid van het Latijnse lira hetgeen groeve, spoor; delirium kan dus vertaald worden als ontsporing. Een delirium (delier) is een acute hallucinatoire verwardheid bij veranderd bewustzijn. Het is een ernstige psychiatrische syndroom ten gevolge van een lichamelijke aandoening (een zogenaamd organisch psychosyndroom).

Voorkomen
De prevalentie (totaal aantal gevallen die er op een bepaald moment zijn) van een delirium (bij de in een ziekenhuis opgenomen patiënten) ligt tussen de 10% en 30%.
Bij (opgenomen) kankerpatiënten wordt het voorkomen van een delier geschat op 25% en bij (opgenomen) Aids-patiënten 30%-40%. De kans na een operatie een delier te ontwikkelen wordt geschat op 51% en 80% van de patiënten in de terminale fase van een aandoening ontwikkelt een delier.

Prodromi (voortekenen)

Desoriëntatie, angstige stemming, rusteloosheid, slapeloosheid, nachtmerries, agitatie, verhoogde gevoeligheid voor licht en geluid en moeite met het begrijpen van wat er gebeurt en gezegd wordt.

Kenmerken

  • (Sub)acuut begin
    De verschijnselen ontstaan in korte tijd (uren tot dagen) en hebben de neiging te wisselen gedurende de dag.
     
  • Bewustzijnsstoornis
    Het belangrijkste symptoom van een delirium is een bewustzijnsstoornis. Het bewustzijn is, in wisselende mate, gedurende dag verlaagd, dit is het 's nachts meest uitgesproken. Er is een verminderde aandacht voor de omgeving en de concentratie is verminderd.
     
  • Waarnemingsstoornis
    Er is vaak sprake van (vooral 's nachts) illusies (foutieve interpretatie van een reële zintuiglijke prikkeling, bijvoorbeeld een bewegend gordijn wordt gezien als een man in de kamer) en/of (visuele) hallucinaties (geen reële zintuiglijke prikkeling en toch overtuigd zijn een echte waarneming te ervaren).
     
  • Oriëntatiestoornis
    De oriëntatie kan gestoord zijn (desoriëntatie) in tijd (besef van tijd kwijt zijn, niet weten hoe laat het ongeveer is, welke dag of maand), plaats (vertrouwde plaatsen, wegen, huizen, etcetera worden niet herkend) of persoon (bekende personen worden niet herkend).
     
  • Geheugenstoornis
    Vooral het kortlopend geheugen is gestoord. Nieuwe informatie wordt niet of slechts gedeeltelijk onthouden. Achteraf heeft de patiënt vaak amnesie (geheugenverlies) voor de meeste voorvallen tijdens het delier.
     
  • Denkstoornis
    Vaak is er sprake van een verwarde gedachtegang, hetgeen tot uiting kan komen in een trage en verwarde spraak en vluchtige (vaak paranoïde) wanen (oncorrigeerbare gedachtedwalingen). De patiënt kan achterdochtig zijn en zich bedreigd voelen.
     
  • Stoornis in slaap-waakritme
    Vaak is er sprake van een omkering van het slaap-waakritme, soms is er sprake van slapeloosheid.
     
  • Stoornis in psychomotoriek
    De psychomotoriek is meestal gestoord, er kan sprake zijn van extreme remming of juist extreme opwinding, agitatie en agressie. Vaak is er sprake van nachtelijke onrust, tremoren en "plukkerig" gedrag (bijvoorbeeld plukken aan het aan beddengoed).
     
  • Stoornis van stemming en gevoel
    De patiënt is vaak angstig en radeloos, soms apathisch, somber en vijandig.

Predisponerende factoren

  • leeftijd > 60 jaar
  • hersenaandoeningen (bijvoorbeeld dementie)
  • operatie (met name open-hartchirurgie, heupoperaties en transplantaties)
  • psychiatrische voorgeschiedenis (psychose, delier)
  • misbruik van alcohol of drugs in de voorgeschiedenis
  • gebruik van (verschillende) geneesmiddelen (tegelijk)
  • te weinig prikkeling van zintuigen (sensore deprivatie) of juist overprikkeling

Oorzaken
De ontstaanswijze (etiologie) van een delier is nog grotendeels onbekend. Waarschijnlijk is er sprake van een ontregeling in de hersenen van verschillende neurotransmitters: een verlaagde activiteit van acetylcholine en een verhoogde activiteit van noradrenaline.

  • Medische conditie
    • Centraal zenuwstelsel
      • Dementie
      • Hersenbloeding (CVA)
      • Hersentumor
      • Insulten
      • Schedelletse
    • Deficiënties
      • Vitamine B1
      • Vitamine B12
      • Foliumzuur
    • Hart- en bloedvaten
      • Hartfalen
      • Hartinfarct
      • Hartritmestoornissen
    • Metabool
      • Anemie (bloedarmoede)
      • Hypoglykemie (tekort aan glucose in het bloed)
      • Hypoxie (tekort aan zuurstof in de weefsels)
      • Uremie (ureum in het bloed)
    • Overig
      • Endocriene ziekten
      • Infecties
      • Maligniteiten (kanker)
      • Ontregeling van de lichaamstemperatuur
      • Postoperatief
      • Sensore deprivatie
  • Intoxicatie of onthouding van een middel
    • Drugs
      • Alcohol
      • Psychoanaleptica (cocaïne, amfetamine)
      • Psychodysleptica (LSD, mescaline, PCP en THC)
      • Psycholeptica (morfine, heroïne en andere opiaten)
    • Medicijnen
      • Analgetica
      • Anaesthetica
      • Antiasthmatica
      • Anti-epileptica
      • Antihistaminica
      • Antihypertensivae
      • Antiparkinsonica
      • Corticosteroïden
      • Lithium
      • Overigen
    • Toxische stoffen
      • Insecticiden
      • Kooldioxide
      • Koolmonoxide
      • Overigen
         
  • Verschillende oorzaken
     
  • Onduidelijke oorzaak


Behandeling

  1. Luxerende factoren opsporen en behandelen.
    Op grond van klinische overwegingen (leeftijd patiënt, chronische ziekten, medicijngebruik, verslaving, trauma, aanwijzingen voor dementering, verwaarlozing, operatieverslag) wordt op indicatie aanvullend onderzoek aanbevolen.
     
  2. Medicamenteuze behandeling
    • Antipsychotica: Haloperidol (clozapine bij parkinsonpatiënten)
    • Benzodiazepinen (bij lichte vormen en onttrekkingsdelier)
    • Fysostigmine: bij anticholinerg syndroom (bijv. bij intoxicatie TCA's) i.o.m. anesthesist
    • Suppletie vitaminen: bij alcoholmisbruik, ondervoeding, resorptiestoornissen
    • Trazodon: bij chronische delier als als benzodiazepinen gecontra-indiceerd zijn
  3. Psychohygiënische maatregelen
    • Zonodig beschermende maatregelen als dranghek, Zweedse band en individuele begeleiding
    • Hulp bij oriëntatie (vaste oriëntatiepunten: kalender, klok, foto's, uitzicht naar buiten)
    • Evenwichtige stimulatie door dagstructuur en bevordering kwaliteit van sensore prikkeling door voldoende licht, retourneren van bril, gehoorapparaat e.d.


E-mail deze pagina | Afdrukken | In favorieten opslaan In favorieten opslaan | Share/Bookmark

Je mening is belangrijk! Was deze pagina nuttig?



Een vraag of een probleem op SeniorenNet?
Kijk dan in het Helpcentrum (klik hier). Als je het daar niet kan vinden, helpen we je via e-mail op support@seniorennet.nl.

Zoek binnen SeniorenNet:

Untitled Document

Poll

Ken je iemand persoonlijk die doof of slechthorend is?